Charta Oecumenica - 2001
Handvest voor groeiende samenwerking van de kerken in Europa
Conferentie van Europese Kerken
Raad van Europese Bisschoppenconferenties
'Ere zij de Vader en de Zoon en de heilige Geest'
In de geest van de boodschap van de beide Europese Oecumenische Assemblees in Basel
1989 en in Graz 1997 zijn wij als Conferentie van Europese Kerken en als Raad van
Europese Bisschoppen-conferenties vastbesloten de gemeenschap die tussen ons is gegroeid
te bewaren en verder te ontwikkelen. Wij danken onze Drie-ene God dat Hij ons door zijn
heilige Geest leidt op de weg naar een zich steeds verdiepende gemeenschap.
Veel verschillende vormen van oecumenische samenwerking hebben reeds hun waarde
bewezen. Trouw aan het gebed van Christus: 'Dat ze allen één mogen zijn. Zoals u, Vader, in
Mij bent en Ik in U, zo moeten zij in Ons zijn, zodat de wereld kan geloven dat U Mij hebt
gezonden' (Joh 17,21), mogen wij echter niet bij het tot nu toe bereikte stil blijven staan. In
het besef van onze schuld en tot omkeer bereid, moeten wij ons inspannen om de onder ons
nog aanwezige verdeeldheid te overwinnen, zodat wij samen de boodschap van het Evangelie
onder de volkeren geloofwaardig verkondigen.
In het samen luisteren naar Gods Woord in de heilige Schrift en uitgedaagd tot het belijden
van ons gemeenschappelijk geloof, alsook in het gemeenschappelijk handelen in
overeenstemming met de waarheid die we erkennen, willen wij getuigenis afleggen van de
liefde en hoop voor alle mensen.
Op ons Europese continent tussen Atlantische Oceaan en Oeral, tussen Noordkaap en
Middellandse Zee, dat sterker dan ooit gekenmerkt wordt door een pluralistische cultuur,
willen wij met het Evangelie opkomen voor de waardigheid van de menselijke persoon als
beeld van God en als kerken gezamenlijk een bijdrage leveren aan de verzoening van
volkeren en culturen.
Vanuit deze overtuiging nemen wij dit Handvest aan als gemeenschappelijke verplichting tot
dialoog en samenwerking. Hierin worden fundamentele oecumenische taken beschreven en
wordt van daar uit een reeks van richtlijnen en verplichtingen afgeleid. Het is de bedoeling
dat deze Charta op alle niveaus van het kerkelijk leven een oecumenische cultuur van
dialoog en samenwerking bevordert en daarvoor een bindende norm stelt. De Charta heeft
echter geen leerstellige status of kerkjuridisch karakter. Het bindend karakter bestaat
veeleer in de verplichting die de Europese kerken en oecumenische organisaties zichzelf
opleggen. Uitgaande van deze basistekst kunnen zij voor hun gebied eigen toevoegingen en
gemeenschappelijke perspectieven formuleren die betrekking hebben op hun specifieke
uitdagingen en de daaruit voortvloeiende verplichtingen.
I. Wij geloven in de 'ene, heilige, katholieke en apostolische Kerk'
'(Wees) vol ijver om de eenheid van de Geest te behouden door de band van de vrede: één
lichaam en één Geest, zoals u ook geroepen bent tot één hoop, waarvoor Gods roeping borg
staat. Eén Heer, één geloof, één doop. Eén God en Vader van allen, die is boven allen, met
allen en in allen' (Ef 4,3-6).
1. Samen geroepen tot eenheid in geloof
Met het Evangelie van Jezus Christus, volgens het getuigenis in de heilige Schrift en zoals
het tot uitdrukking komt in de geloofsbelijdenis van Nicea-Constantinopel (381), geloven wij in de Drie-ene God: de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Omdat wij met dit credo "de ene, heilige, katholieke en apostolische Kerk" belijden, is het onze onopgeefbare oecumenische taak, deze eenheid, die altijd een gave van God is, zichtbaar te laten worden. Essentiële verschillen in geloof verhinderen nu nog de zichtbare eenheid. Er zijn verschillende opvattingen, vooral over de Kerk en haar eenheid, over de sacramenten en de ambten. Wij mogen ons daarbij niet neerleggen. Jezus Christus heeft ons aan het kruis zijn liefde en het geheim van de verzoening geopenbaard; in navolging van Hem willen wij al het mogelijke doen om de nog bestaande kerkscheidende problemen en belemmeringen te overwinnen.
Wij verplichten onszelf ertoe:
- gevolg te geven aan de apostolische aansporing uit de brief aan de Efeziërs en ons met
volharding voor een gemeenschappelijk verstaan van de heilsboodschap van Christus in het
Evangelie in te zetten;
- in de kracht van de heilige Geest toe te werken naar de zichtbare eenheid van de Kerk van
Jezus Christus, die tot uitdrukking komt in de wederzijds erkende doop en in de
eucharistische gemeenschap alsook in gemeenschappelijke getuigenis en dienst.
= top =
II. Op weg naar een zichtbare gemeenschap van de kerken in Europa
'Daaraan zal iedereen kunnen zien dat jullie leerlingen van Mij zijn: als jullie onder elkaar de
liefde bewaren' (Joh 13,35).
2. Samen het Evangelie verkondigen
De belangrijkste taak van de kerken in Europa is om samen het Evangelie te verkondigen,
door woord en daad, tot heil van alle mensen. Het gebrek aan oriëntatie van velen, de
vervreemding van christelijke waarden, maar ook het veelvuldige zoeken naar antwoorden
op zingevingsvragen dagen christenen, mannen zowel als vrouwen, uit om van hun geloof te
getuigen. Daarvoor is een groter engagement en uitwisseling van ervaringen in catechese en
pastoraat nodig in de plaatselijke gemeenten en parochies. Net zo belangrijk is het, dat het
gehele volk van God gezamenlijk het Evangelie in de samenleving vertolkt en het door
sociale inzet en het dragen van politieke verantwoordelijkheid tot zijn recht laat komen.
Wij verplichten onszelf ertoe:
- met de andere kerken over onze initiatieven voor evangelisatie te spreken, daarover
afspraken te maken en zo nadelige concurrentie en ook het gevaar van nieuwe verdeeldheid
te vermijden;
- te erkennen, dat ieder mens zijn godsdienstige en kerkelijke binding in vrijheid van
geweten kan kiezen. Niemand mag onder morele druk of door materiële prikkels ertoe
worden aangezet om tot een ander kerkgenootschap over te gaan. Evenmin mag iemand
worden gehinderd om uit vrije wil over te gaan tot een ander kerkgenootschap.
3. Elkaar tegemoet gaan
In de geest van het Evangelie moeten wij samen de geschiedenis van de christelijke kerken
verwerken. Deze geschiedenis is gekenmerkt door veel goede ervaringen, maar ook door
scheuringen, vijandigheid en zelfs door gewapende conflicten. Menselijke schuld, gebrek aan
liefde en veelvuldig misbruik van geloof en kerk voor politieke doeleinden hebben de
geloofwaardigheid van het christelijke getuigenis ernstig beschadigd.
Oecumene begint daarom voor christenen met de vernieuwing van het hart en de bereidheid
tot boete en omkeer. In de oecumenische beweging is verzoening reeds groeiende.
Het is belangrijk de geestelijke gaven van de verschillende christelijke tradities te erkennen,
van elkaar te leren en deze gaven te ontvangen. Voor de verdere groei van de oecumene is
het noodzakelijk rekening te houden met de ervaringen en verwachtingen van jongeren en
hun participatie te stimuleren en te ondersteunen.
Wij verplichten onszelf ertoe:
- zelfgenoegzaamheid te overwinnen en vooroordelen uit de weg te ruimen, de ontmoeting
met de ander te zoeken en er voor elkaar te zijn;
- oecumenische openheid en samenwerking in de christelijke opvoeding, in de theologische
opleiding evenals in het wetenschappelijk onderzoek te stimuleren en te ondersteunen.
4. Samen handelen
In vele vormen van gemeenschappelijke activiteiten krijgt de oecumene reeds gestalte. Veel
christenen uit verschillende kerken leven en werken samen, als vrienden en vriendinnen, als
buren, op het werk en in hun gezinnen en families. Vooral partners in kerkelijk-gemengde
huwelijken verdienen steun bij de door hen dagelijks geleefde oecumene.
Wij bevelen de oprichting en instandhouding aan van bi- en multilaterale oecumenische
samenwerkingsverbanden op plaatselijk, regionaal, landelijk en internationaal niveau. Op
Europees niveau is het nodig om de samenwerking tussen de Conferentie van Europese
Kerken en de Raad van Europese Bisschoppenconferenties te versterken en volgende
Europese Oecumenische Assemblees te organiseren.
Bij conflicten tussen de kerken moeten inspanningen tot bemiddeling en vrede geïnitieerd
c.q. ondersteund worden.
Wij verplichten onszelf ertoe:
- op alle niveaus van het kerkelijk leven gezamenlijk te handelen indien de voorwaarden
aanwezig zijn en er geen redenen van geloof of grotere doelmatigheid daartegen spreken;
- de rechten van minderheden te verdedigen en te helpen misverstanden en vooroordelen
tussen meerderheids- en minderheidskerken in onze landen weg te nemen.
5. Samen bidden
De oecumene leeft van ons gezamenlijk luisteren naar Gods Woord en de werking van de
heilige Geest in ons en door ons. Krachtens de daaruit ontvangen genade zijn er nu veel
initiatieven om door gebed en vieringen de geestelijke gemeenschap tussen de kerken te
verdiepen en voor de zichtbare eenheid van de Kerk van Christus te bidden. Een bijzonder
pijnlijk teken van de verscheurdheid tussen veel christelijke kerken is het ontbreken van de
eucharistische gemeenschap.
In enkele kerken heeft men bedenkingen tegen het gemeenschappelijke oecumenische
gebed. Maar op veel plaatsen zijn het de oecumenische vieringen, gemeenschappelijke
liederen en gebeden, vooral het Onze Vader, die onze christelijke spiritualiteit vorm geven.
Wij verplichten onszelf ertoe:
- voor elkaar en voor de christelijke eenheid te bidden;
- de vieringen en de andere vormen van geestelijk leven van andere kerken te leren kennen
en waarderen;
- het doel van de eucharistische gemeenschap voor ogen te houden.
= top =
6. Voortzetting van de dialoog
Tegenover onze verschillende theologische en ethische posities is het van fundamentele
betekenis dat wij in Christus bij elkaar horen. Hoewel we onze verscheidenheid kunnen zien
als gave en verrijking, hebben toch tegenstellingen in de leer, in ethische vraagstukken en
kerkrechtelijke bepalingen tot kerkscheuringen geleid. Vaak speelden daarbij bijzondere
historische omstandigheden en cultuurverschillen een beslissende rol.
Om de oecumenische gemeenschap te verdiepen moeten de inspanningen voor het bereiken
van een consensus in het geloof hoe dan ook worden voortgezet. Zonder eenheid in geloof is
er geen volledige gemeenschap van kerken. Er is geen alternatief voor dialoog.
Wij verplichten onszelf ertoe:
- de dialoog tussen onze kerken op de verschillende kerkelijke niveaus gewetensvol en
intensief voort te zetten, alsook te onderzoeken welke uitkomsten van de dialoog officieel
door de kerken bindend verklaard kunnen en moeten worden;
- bij controversen, vooral als bij geloofsvragen en ethische kwesties het gevaar van een
splitsing dreigt, het gesprek te zoeken en ons in het licht van het Evangelie samen over deze
vragen te buigen.
III. Onze gezamenlijke verantwoordelijkheid in Europa
'Gelukkig die vrede brengen, want zij zullen kinderen van God genoemd worden' (Mt 5,9).
7. Mede vormgeven aan Europa
In de loop der eeuwen heeft vooral het christendom de godsdienstige en culturele
ontwikkeling van Europa bepaald. Tegelijk is door het falen van de christenen veel onheil
aangericht, zowel binnen als buiten Europa. Wij belijden mede verantwoordelijk te zijn voor
deze schuld en vragen God en de mensen om vergeving.
Ons geloof helpt ons om van het verleden te leren en om ons er voor in te zetten het
christelijk geloof en de naastenliefde een bron van hoop te laten zijn voor moraal en ethiek,
voor onderwijs en cultuur, voor politiek en economie in Europa en in de hele wereld.
De kerken steunen de eenwording van Europa. Zonder gemeenschappelijke waarden is het
niet mogelijk om een duurzame eenheid te bereiken. Wij zijn ervan overtuigd dat het
spirituele erfgoed van het christendom een inspirerende kracht voor Europa vormt. Op
grond van ons christelijk geloof zetten wij ons in voor een humaan en sociaal Europa, waar
de rechten van de mens en de grondwaarden van vrede, gerechtigheid, vrijheid, tolerantie,
participatie en solidariteit verwezenlijkt worden. Wij leggen de nadruk op de eerbied voor het
leven, de waarde van huwelijk en gezin, de voorkeursoptie voor de armen, de bereidheid tot
vergeving en in alles barmhartigheid.
Als kerken en als internationale gemeenschappen moeten wij het gevaar het hoofd bieden
dat zich Europa tot een geïntegreerd Westen en een gedesintegreerd Oosten ontwikkelt. Ook
moet rekening worden gehouden met de economische kloof tussen Noord en Zuid.
Tegelijkertijd moet elk eurocentrisme worden vermeden en de verantwoordelijkheid van
Europa voor de hele mensheid worden versterkt, in het bijzonder voor de armen overal in de
wereld.
Wij verplichten onszelf ertoe:
- tot overeenstemming te komen over inhoud en doel van onze sociale verantwoordelijkheid,
en de zorgen en visioenen van de kerken zoveel mogelijk gezamenlijk kenbaar te maken aan
de seculiere Europese instellingen;
- de grondwaarden tegen iedere schending te verdedigen;
- in te gaan tegen elke poging om godsdienst of kerk voor etnische of nationalistische doelen
te misbruiken.
= top =
8. Volkeren en culturen verzoenen
Wij zien de verscheidenheid van regionale, nationale, culturele en religieuze tradities als
rijkdom van Europa. Gezien de talrijke conflicten is het de taak van de kerken om met
elkaar de dienst van verzoening ook voor volkeren en culturen waar te nemen. Wij weten dat
daarvoor vrede tussen de kerken een belangrijke voorwaarde is.
Onze gezamenlijke inspanningen zijn gericht op de beoordeling en oplossing van politieke en
sociale vragen in de geest van het Evangelie. Omdat voor ons ieder mens zijn of haar
persoon en waardigheid daaraan ontleent dat hij of zij als beeld van God is geschapen, staan
wij in voor de absolute gelijkwaardigheid van alle mensen.
Als kerken willen wij gezamenlijk het proces van democratisering in Europa stimuleren en
ondersteunen. Wij zetten ons in voor structuren van vrede die gebaseerd zijn op geweldloze
conflictoplossing. Wij veroordelen elke vorm van geweld tegen mensen, vooral tegen vrouwen
en kinderen.
Verzoening betekent ook de inzet voor sociale gerechtigheid in en tussen alle volkeren, en
vooral de overbrugging van de kloof tussen arm en rijk en de uitbanning van de
werkloosheid. Samen willen wij bijdragen aan menswaardige opvang van migranten,
vluchtelingen en asielzoekers in Europa.
Wij verplichten onszelf ertoe:
- elke vorm van nationalisme te bestrijden die tot onderdrukking van andere volkeren en
nationale minderheden leidt en ons in te zetten voor geweldloze oplossingen;
- de positie en gelijkberechtiging van vrouwen op alle levensterreinen te versterken en in
kerk en samenleving een rechtvaardige gemeenschap van vrouwen en mannen te
bevorderen.
9. De schepping behoeden
In het geloof in de liefde van God de Schepper erkennen wij dankbaar de schepping als gave,
de waarde en schoonheid van de natuur. Maar we zien ook met ontzetting dat de goederen
van de aarde zonder respect voor hun intrinsieke waarde, zonder rekening te houden met
hun eindigheid en zonder respect voor het welzijn van toekomstige generaties worden
uitgebuit.
Wij willen ons gezamenlijk inzetten voor duurzame manieren van leven voor de gehele
schepping. Het is onze verantwoordelijkheid tegenover God om gezamenlijk criteria op te
stellen en verder te ontwikkelen, voor wat de mens wetenschappelijk en technologisch
misschien wel kán doen, maar om ethische redenen niet mág doen. In elk geval moet de
unieke waarde van ieder mens voorrang hebben boven wat technisch haalbaar is.
Wij bevelen aan in de Europese kerken een oecumenische dag van gebed voor de heelheid
van de schepping in te stellen.
Wij verplichten onszelf ertoe:
- een manier van leven verder te ontwikkelen die, tegen economische druk en
consumptiedwang in, uitgaat van verantwoordelijkheid en duurzaamheid;
- de kerkelijke milieuorganisaties en oecumenische netwerken bij hun verantwoordelijkheid
voor het behoeden van de schepping te ondersteunen.
10. De gemeenschap met het jodendom verdiepen
Een unieke gemeenschap verbindt ons met het volk Israël waarmee God een eeuwig verbond
heeft gesloten. In geloof weten wij dat onze joodse zusters en broeders "Gods geliefden
blijven, omwille van de aartsvaders. Want God kent geen berouw over zijn genadegaven of
zijn roeping" (Rom 11,28-29). Zij hebben "het kindschap, de heerlijkheid, de verbonden, de
wetgeving, de eredienst en de beloften; van hen zijn de aartsvaders en uit hen komt Christus
lijfelijk voort" (Rom 9,4-5).
Wij betreuren en veroordelen alle uitingsvormen van antisemitisme, zoals uitbarstingen van
haat en vervolgingen. We vragen God om vergeving voor het anti-judaïsme onder christenen
en vragen onze joodse zusters en broeders om verzoening.
Het is uiterst noodzakelijk om in verkondiging en onderwijs, in leer en leven van onze
kerken te werken aan het bewustzijn van de diepe verbondenheid van het christelijk geloof
met het jodendom en de joods-christelijke samenwerking te ondersteunen.
Wij verplichten onszelf ertoe:
- alle vormen van antisemitisme en anti-judaïsme in kerk en samenleving te bestrijden;
- de dialoog met onze joodse zusters en broeders op alle niveaus te zoeken en te
intensiveren.
= top =
11. Relaties met de islam onderhouden
Sinds eeuwen leven er moslims in Europa. Zij vormen in sommige Europese landen grote
minderheden. Daarbij waren en zijn er veel goede contacten tussen moslims en christenen,
maar ook grote reserves en hardnekkige vooroordelen aan beide kanten. Deze berusten op
pijnlijke ervaringen uit het verre en nabije verleden.
Wij willen de ontmoeting tussen christenen en moslims alsook de christelijk-islamitische
dialoog op alle niveaus intensiveren. In het bijzonder bevelen wij aan om met elkaar over het
geloof in de ene God in gesprek te gaan en wederzijds de opvattingen over mensenrechten te
verhelderen.
Wij verplichten onszelf ertoe:
- moslims met respect tegemoet te treden;
- in zaken van gemeenschappelijk belang met moslims samen te werken.
12. Ontmoeting met andere godsdiensten en levensbeschouwingen
De diversiteit van religieuze en levensbeschouwelijke overtuigingen en levenswijzen is een
kenmerk geworden van de Europese cultuur. Oosterse religies en nieuwe religieuze
gemeenschappen groeien en hebben ook de interesse van veel christenen. Bovendien zijn er
steeds meer mensen die het christelijke geloof afwijzen, er onverschillig tegenover staan of
andere levensbeschouwingen hebben.
Wij willen ons kritisch laten bevragen en ons gezamenlijk inspannen voor een eerlijke en
oprechte discussie. Daarbij moet onderscheid worden gemaakt tussen gemeenschappen
waarmee de dialoog en ontmoeting gezocht zou moeten worden en die waarvoor vanuit
christelijk oogpunt gewaarschuwd moet worden.
Wij verplichten onszelf ertoe:
- de godsdienstvrijheid en de vrijheid van geweten van mensen en gemeenschappen te
erkennen en ons ervoor in te zetten dat zij individueel en gezamenlijk, particulier en in het
openbaar hun godsdienst of levensbeschouwing binnen de grenzen van het geldende recht
mogen praktiseren;
- open te staan voor het gesprek met alle mensen van goede wil, zaken van
gemeenschappelijk belang met hen te behartigen en in de ontmoeting met hen te getuigen
van het christelijke geloof.
Ondertekening
Jezus Christus is als Heer van de ene Kerk onze grootste hoop op verzoening en vrede. In
zijn Naam willen wij verder gaan op de gezamenlijke weg in Europa. Wij vragen God om
bijstand van zijn heilige Geest.
"Moge de God die onze hoop is, u vervullen met alle vreugde
en vrede in het geloven, zodat u overvloeit van hoop, door de kracht van de heilige Geest"
(Rom 15,13).
Als voorzitters van de Conferentie van Europese Kerken en van de Raad van Europese
Bisschoppenconferenties bevelen wij deze Charta Oecumenica als basistekst aan alle kerken
en bisschoppenconferenties van Europa aan, om deze aan te nemen en toe te passen in
ieders eigen context.
Met deze aanbeveling ondertekenen wij de Charta Oecumenica bij gelegenheid van de
Europese Oecumenische Ontmoeting op de eerste zondag na het gemeenschappelijke
Paasfeest in het jaar 2001.
Straatsburg, 22 april 2001
METROPOLIET JÉRÉMIE
voorzitter van de Conferentie van Europese Kerken (KEK
KARDINAAL MILOSLAV VLK
voorzitter van de Raad van Europese Bisschoppenconferenties (CCEE)

Vertaling: L. Nelck-Brinkmann
Eindbewerking: E. Kuyk (LDC SoW-kerken),
D. Gudde (Secretariaat RKK)
